Getallen

Wiskunde, rekenen, geometrie
 Weergaven
7Berichten

Nederlands

Taal, spelling, Nederlands
 Weergaven
7Berichten

Engels

Engels, English
 Weergaven
7Berichten

Frans

Frans, le Français
 Weergaven
9Berichten

Duits

Duits, Deutsch
 Weergaven
8Berichten

Spaans

Spaans, Español
 Weergaven
0Berichten

Maatschappij

Leer alles over jouw wereld
 Weergaven
5Berichten

Natuur

Natuur, biologie, scheikunde
 Weergaven
9Berichten

Hulpverlening

Weet wat te doen als het moet
 Weergaven
2Berichten

Computer en Kennisforum

Meer weten over je apparaat
 Weergaven
7Berichten

Anders...

Overige Kenniskaarten
 Weergaven
4Berichten
Nieuwste posts
  • In het Duits heb je 3 lidwoorden die der en das. hier onder staat hoe en wanneer je ze gebruikt. Die Die is een vrouwelijk lidwoord en gebruik je bij: vrouwelijke personen de meeste zelfstandig naamwoorden die eindigen op: -e -ung -heit -keit -schaf -ion Der Der is een mannelijk lidwoord en gebruik je bij: Seizoenen. Maanden. Dagen. Das Das is een onzijdig lidwoord en gebruik je bij: De meeste zelfstandig naamwoorden die in het Nederlands het als lidwoord hebben. zelfstandig naamwoorden die eindigen op: -chen -lien Het lidwoord word automatisch das als het een verklein woord word. Die (meervoud) In het meervoud word het lidwoord die gebruikt.
  • 1 Eins 2 Zwei 3 Drei 4 Vier 5 Fünf 6 Sechs 7 Sieben 8 Acht 9 Neun 10 Zehn 11 Elf 12 Zwölf 13 Dreizehn 14 Vierzehn 15 Fünfzehn 16 Sechzehn 17 Siebzehn 18 Achtzehn 19 Neunzehn 20 Zwanzig 21 Einundzwanzig 22 Zweiundzwanzig 23 Dreiundzwanzig 24 Vierundzwanzig 25 Fünfundzwanzig 26 Sechsundzwanzig 27 Siebenundzwanzig 28 Achtundzwanzig 29 Neunundzwanzig 30 Dreißig 31 Einunddreißig ... 40 Vierzig 50 Fünfzig 60 Sechzig 70 Siebzig 80 Achtzig 90 Neunzig 100 Hundert
  • Mögen is een modaal werkwoord. In totaal zijn er 7 modale werkwoorden. Mögen betekent mogen (als in: aardig vinden, lusten, lekker vinden en houden van (iets)) Vervoeging mögen ich mag - du mag st er/sie/es/man mag - wir mög en ihr mög t sie/Sie mög en Stappenplan 1. Schrijf de stam op – Klinkerwisseling in het enkelvoud ( ö verandert naar a ) 2. Ich en er/sie/es/man hebben geen uitgang. Er staat dus niks achter de stam. 3. De rest is (fe) (e) st (t) en t en . Zonder de e en t, want die vallen weg in modale werkwoorden!

Forum

This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now